10 november 2008
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
27 28 29 30 31 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 1 2 3 4 5 6 7
kaart

El Corazón

Dag 19: Maandag, 10 November 2008

Vannacht niet zo geweldig geslapen. Het zal wel een beetje met de stress voor de tocht van vandaag te maken hebben. We hebben ons een beetje laten misleiden door de verkoopstechnieken bij Gulliver. .

Na het ontbijt, rond 6u, probeer ik nog een laatste keer aan wandelstokken te geraken. Die zouden we hier zogezegd kunnen huren. Maar de gids van vandaag, Victor, weet ook van niks. Gelukkig zijn de Zwitsers goed uitgerust en belooft Michaele zijn stokken aan mij uit te lenen als het nodig is. We rijden eerst 45 minuten voor we beginnen te stappen. We zien de vulkaan El Corazón in de verte en op de top ligt er een laagje verse sneeuw. We rijden door de velden tot de auto niet meer verder kan om wille van modder en zo beginnen we om 6u45 te stappen op een hoogte van 3500m. De gids geeft het tempo aan en dat gaat lekker traag. Al gauw komen we in de páramo, graslanden in de Andes. Veel gelige lange sprieten gegroepeerd in kleine bosjes en groene mossen in de vorm van sterachtige blaadjes. Het lijkt alsof we recht naar omhoog gaan. We rusten eigenlijk niet veel en als we even wachten is dat maar even.

Na twee uur stappen riskeren we te vragen hoe hoog we zitten. We zijn allevier redelijk ontgoocheld als het antwoord 4000m luidt. Dat klopt volgens ons niet. Bart en ik beginnen nu ook lichtjes hoofdpijn te krijgen. Bij mij wordt dat feller en ik neem dus maar iets in. Dat verzacht de pijn maar tijdelijk. Stilaan verlaten we de páramo en overheersen stenen en vulkanisch zand. Ik vraag me af of dat ik die berg zal kunnen trotseren. Het laatste gedeelte torent nog steeds boven ons uit en ziet er heel technisch uit, iets waar ik helemaal niet gek van ben.

Ik sta verstijfd als we een hoekige rots voorbij moeten, die uitsteekt. Dat wil zeggen dat we even geen grond onder onze voeten hebben, of toch niet de eerste tien meters. Da’s niks voor mij. Ik zeg dat ik het hier voor bekeken hou. Gelukkig kan Bart me overtuigen en ik klauter over de rots. Victor, die heel gebrekkig Engels spreekt stelt voor me te beveiligen. Ik stap dus in een harnas en ben via een stevige koord met Victor verbonden. De stokken van Michaele heb ik me ook al toegeëigend. Grappig hoe dat de symptomen van hoogteziekte verdwijnen als je je moet concentreren. Geen hoofdpijn meer. We klimmen hoger en hoger en lopen plots over een kam. Aan de andere kant van de kam zien we niets omdat er een dik pak wolken hangt. Maar bij mooi weer zouden we het cloud forest moeten zien. Het waait nu ook erg en iedereen heeft een laagje extra aangetrokken, handschoenen inclusief.

Als ik de rotswand zie waar we moeten op klauteren, pas ik. Als Victor zegt dat we nog maar vijftien minuten van de top verwijderd zijn en enkel het laatste stuk moeilijk is, ben ik overtuigd. Van de ene kant misschien spijtig, we hebben de top net niet gehaald maar ik voel me niet zeker genoeg. En we moeten straks nog terug naar beneden. Dus Viktor brengt Bart en mij naar een stukje waar de wind een beetje minder is. Hij maant ons aan ons warm te kleden? En het is nodig want als je stilstaat, koel je vlug af. We zijn dus op een hoogte van 4750m gestrand, rond 11u20, op 45m van de top. Hier wachten we op Marco, Michaele en de gids. We zijn toch trots op onszelf. Zo hoog zijn we te voet nog nooit geraakt en persoonlijk heb ik mijn grenzen toch weer verlegd.

De Zwitsers zijn vlug terug. Ondertussen hebben wij genoten van een adembenemend, letterijk en figuurlijk, uitzicht over de vallei. Boven was het mistig en hebben ze niet veel gezien. De afdaling gaat vlot en te denken dat ik hier meestal meer problemen mee heb dan met de beklimming. We picknicken tussen de rotsen en genieten nogmaals van een prachtig uitzicht. Normaal doe je twee uur over de afdaling. Wij doen er iets langer over. Iedereen heeft wel een beetje last van knieën, knoken of vermoeidheid. Over de beklimming hebben we dan weer minder lang gedaan dan gemiddeld. Om 15u20 zijn we blij dat we de auto zien en hobbelen en schokken we naar PapaGayo over moeilijk berijdbare landweggetjes. In onze hostel worden we getrakteerd op een stuk chocolade cake en een drankje. We geven de gids een veel te grote fooi met tegenzin maar in samenspraak met de Zwitsers (20 dollar).

We genieten nog na met Michaele en gaan daarna even rusten. Later in de namiddag begint het te onweren dus zijn we blij dat we vanochtend zo vroeg vertokken zijn. Na een koude douche en wat e-mails bestellen we ons eten en praten we met de andere mensen die ook in het restaurant zitten. Het is druk vanavond. Morgen beginnen heel wat mensen aan de Cotopaxi tweedaagse.

Wij houden het morgen rusten en we gaan paardrijden. Michaele gaat ook mee. Hij heeft last van zijn knie en wil die laten rusten. Van de oorspronkelijke groep om Illinizas Norte te beklimmen blijft alleen Marco nog over.