12 november 2008
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
27 28 29 30 31 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 1 2 3 4 5 6 7
kaart

Parque Nacional Cotopaxi

Dag 21: Vrijdag, 12 november 2008

Onze laatste actieve dag in Ecuador. Ik ben al heel tevreden met wat we tot nu toe gedaan en gezien hebben. Vandaag doen we er nog een klepper bij: de Cotopaxi. Een van de hoogste actieve vulkanen ter wereld. Onze dagtrip houdt in: een stuk klimmen en dan afdalen met de mountain bike. Dit keer moeten we lang wachten op ons ontbijt maar het verloren brood smaakt wel. Als we onze bagages aan de recptie hebben achtergelaten, genieten we buiten nog even van de zon en hebben we Paul weer aan ons been. Hij is vanuit Quito gekomen om deze tocht mee te doen.

Om 8u30 vertrekken we. Marcelo is weer onze gids, de beste die we deze vakantie gehad hebben. Ons busje zit vol met last-van-hormonen-hebbende Australiërs, Britten en Duitsers. Na 45 minuten rijden we het Nationale Park van Cotopaxi binnen. Al gauw verandert het landschap naar een soort maanlandschap. Geen bomen of struiken, enkel een zilverkleurig mos en gele bloemen die op onze paardebloemen lijken. Het voelt heel desolaat aan maar het is prachtig. Er hangt al heel wat bewolking in de lucht maar op een geven moment komt de top van de Cotopaxi helemaal vrij. Een mooi fotomoment. Het laatste stuk van de rit is serieus klimmen, zeker voor ons busje.

Op de parking aangekomen kiest de groep voor de moeilijke weg naar boven, recht op ercht. Ons doel ligt 500m hoger op 4600m Refugio José Rivas. Iedereen neemt zijn eigen tempo aan. Ik ga heel traag en heb weinig last van de hoogte. De klim leidt ons door vulkanisch zand. Het meisje van Panama uit onze groep, krijgt het al vlug moeilijk. Ze is ook nog maar juist in Ecuador. We wachten boven op haar, ondertussen in de mist. Uiteindelijk haalt ze het op de schouders van een van de hulpjes van de gids.

Omdat we in de wolken zitten, wil Marcelo even wachten met het tweede gedeelte van de beklimming naar 5000m waar de gletsjer begint. Dapper beginnen we te stappen maar de mist jaagt me al gauw schrik aan. Als we dan in de sneeuw beginnen stappen, krijg ik het helemaal benauwd. Op de gletsjer zelf zie je maar vijf meter ver. Te voet op 5000m geraken is natuurlijk een hele prestatie maar de tocht naar beneden is voor mij een heel karwij. Soms denk ik dat ik een liefde-haat verhouding heb met de bergen (vooral de hoogte) maar de liefde blijft gelukkig primeren. Terug in de refugio krijgen we soep met brood en wat hapjes.

De lunch duurt voor ons te lang. We willen gewoon die fiets op. Eerst moeten we terug naar de parking. We lopen bijna de berg af. In dat vulkanisch zand gaat dat vanzelf. Zelfs de sneeuw hindert niet. Onderweg stoppen we alleen heel even om een Andes vos te begroeten die op weg naar boven is. Rond 15u beginnen we eindelijk aan de afdaling per fiets. Het eerste stuk is door de sneeuw maar daarna gaat de weg over een breed zandpad. We racen naar beneden tot Bart zijn rem over pitst. Dan maar verder op de fiets van de gids. De fietsen zijn te klein maar voor een afdaling is het ok. Ondanks de putten, de stenen en de mist waardoor je heel geconcentreerd moet zijn, amuseren we ons kostelijk. De tijd vliegt voorbij en na een uur zijn we aan het meer waar we de bus weer in moeten.

In PapaGayo krijgen we weer een stuk cake en drankje. We betalen ook de rekening van de voorbije dagen en om 18u vertrekken we naar Quito. Onze timing is nipt want we hebben om 20u met Beth en Mark uit Australië afgesproken. Toch kan ik me nog douchen en Bart onze rugzakken inpakken. Het regent in Quito en het is spitsuur dus ze hebben wat vertraging.

Het is gezellig bijpraten met Beth en Mark en we eten weer bij “Hasta la vuelta, Señor”. Met al die reisverhalen vliegt de tijd voorbij en voor we het weten is het tijd om afscheid te nemen en een kort nachtje te slapen voor ons. We zetten de wekker op 4u45.