3 november 2003
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
27 28 29 30 31 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 1 2 3 4 5 6 7
kaart

Hama – Saladin – Apamea – Hama

Dag 4 : Maandag 3 november 2003

Vandaag nog wat vroeger (6u20) uit de veren om ons drukke programma te kunnen afwerken. Nochtans had ik graag eens goed uitgeslapen aangezien dit al de 3de opeenvolgende nacht was dat ik midden in mijn slaap wordt gestoord. Ditmaal niet door de muezzin met zijn geklaag, maar door een door geldingsdrang geplaagde toeterterrorist. Om 3 uur ’s nachts vond die man (waarom ga ik er automatisch vanuit dat dit een man was) het blijkbaar nodig om te controleren hoelang het zou duren vooraleer zijn claxon het omwille van overbelasting zou begeven. Het ding was blijkbaar van Ford kwaliteit want het duurde een stevige 10 minuten vooraleer de man er de brui aan gaf. Ik nam me voor om een verkwikkende douche te nemen om toch niet als een zombie aan het ontbijt te moeten verschijnen. Toen ik het douchegordijn erna aan de kant schoof aanschouwde ik een ware ravage : Er stond genoeg water op de vloer in de badkamer om een volwassen blauwe vinvis zich te laten uitleven.

Het ontbijt werd vandaag eens tijdig geserveerd. Wat een verademing. Dat maakt dat we om 7:30 stipt kunnen vertrekken in ons gecharterd busje met elektrische schuifdeur. High Tech dus. Tom probeert met alle moeite van de wereld onze chauffeur aan het verstand te brengen dat we eerst nog brood moeten uithalen voor de picknick. Ten einde raad vraagt hij in de reisgidsen op te zoeken wat brood in het Arabisch is. Chubz. At dan volgt is een schoolvoorbeeld van een aha-erlebnis. Na brood te hebben gekocht en Sabines bijzetel te hebben bijgesteld dmv een karton drankflessen vertrekken we met als bestemming het kasteel van Saladin. Dit kasteel ligt in de jebel (Berg) Ansarich wat betekend dat we heel wat kilometertjes moeten klimmen en op een hele rits haarspeldbochten worden getrakteerd. Onze chauffeur knalt bijna een bejaarde bromfietser tegen de rotswand. In het minibusje is het stil. Iedereen is ofwel zijn/haar gemiste nachtrust aan het inhalen ofwel aan het lezen. Alleen Tom en Sabine, die vooraan zitten, tateren er lustig op los. We krijgen een deel prachtige vergezichten voorgeschoteld waarbij opvalt dat we ons hoger dan de wolken bevinden.

Aangekomen bij de grootste aller kruisvaarderburchten (5 ha, 2x groter dan de Krak) valt me dadelijk de groene omgeving en de rust op. Wij zijn hier veraf van de platgetreden paden van het massatoerisme. Je krijgt in Syrië het gevoel dat je iets echts exclusiefs te zien krijgt, iets waar je geen busladingen met mitraillerende Japannertjes moet trotseren om eindelijk eens een geslaagde opname te kunnen maken.

Rond de middag verorberen we onze picknick aan de voet van Saladins burcht : die bestaat uit brood, een banaan en een mandarijntje. Nu de inwendige mens weer versterkt is, verplaatsen we ons naar de site van Apamea. Vanop de bergtoppen hebben we een uitzicht op het wondermooie lappendeken van Al Ghab : dit is een uiterst vruchtbare en enorm uitgestrekte vlakte waar allerlei landbouwgewassen worden geteeld.

Rond 14:30 bereiken we het museum van Apamea. Aangezien dit museum net dan sluit, speelt de toezichter een welles/nietes spelletje met ons met als resultaat dat we het museum wel mogen bezoeken maar dan na eerst de archeologische site te hebben bezocht. Dit wordt gedomineerd door een oneindig lange rij van kolommen. Veel meer is er eigenlijk ook niet meer bewaard van deze stad die een 200-tal jaar gelden 500.000 inwoners had. Speciaal zijn ook de typische, gedraaide kolommen. Het museum wordt in ijltempo afgewerkt om de zonsondergang te kunnen zien aan de citadel van Sheizar. Maar het is ons weerom niet gegund. Misschien morgen ? De burcht is zelfs gesloten maar de gatekeeper wordt opgetrommeld om ons binnen te laten. Rond 16:45 gaat de zon onder en valt ons weer het gezang van de muezzin te beurt.

Terug in Hama kopen we wat zoete gebakjes die we aan de noria’s naar binnen slaan. Een gedeelte van de groep gaat zich al opfrissen in het hotel, de anderen gaan op zoek naar een geschikt restaurantje. Het eten lijkt iedereen wel te smaken, zeker de vleeseters onder ons weten de Kebab en aanverwanten wel te appreciëren. De mannen wagen zich aan de waterpijp wat zorgt voor lachwekkende momenten. Maar ik wist niet dat je zolang aan zo’n pijp kan lurken. Sabine en Angelique lagen al bijna te slapen. Tijd om terug te keren naar het hotel dus en de batterijtjes weer op te laden voor een ongetwijfeld boeiende dag.

Patrick