15 november 2007
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
29 30 31 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 1 2
kaart

Mekong Delta

Dag 20: Donderdag, 15 november 2007

We staan langzaam op en hebben afgesproken om 6u30 te ontbijten. Bart eet de typische vermicellisoep en ik ei met brood. Het is een beetje bewolkt maar de zon is er ook en het zal weer een warme dag worden. Wij klagen niet na al dat grijs weer in het noorden. We rijden met het busje naar de motorboot en worden door, we denken, moeder en dochter rondgevaren op de drijvende markt. De floating market is heel anders dan ik ze me had voorgesteld. De boten liggen allemaal redelijk ver uit elkaar en je kan gewoon van de ene naar de andere boot varen. De ene boot verkoopt fruit, de andere levende kippen. Het is wel allemaal heel leuk om te zien. Gisteren heb ik mijn schouder serieus verbrand en ik probeer ze vandaag wat af te schermen van de felle zon.

Als we terug aan wal stappen staan de fietsen al klaar. We fietsen 25km langs een rivier en door dorpen met veel kippen, nog meer dan de voorbije dagen! Ik geef toe, soms is het een hel! Na 1,5 in het busje te zitten, fietsen we nar het stork sanctuary. Ik weet niet meer precies wat stork betekende, maar het klinkt als een dier met pluimen. Ik heb er geen goed oog in. Als we toekomen blijkt dat het een toevluchtsoord is voor ooievaars! Ik wil niet verder maar heb het gevoel dat Hai beledigd zal zijn als ik niet mee ga. Hij begrijpt mijn angst niet, hoewel hij er van in het begin van op de hoogte was. Ik geef toe: ik ben een beetje raar. Niet tegenstaande kan ik niet genieten van dit moment. Het stinkt en we klimmen omhoog naar een uitzichtspunt om de beesten nog beter te kunnen bewonderen. De blaren van de bomen hangen vol uitwerpselen van de ooievaars.

Als we met het busje in Long Xuyen toekomen is het tijd om te lunchen. Dit keer is de bovenverdieping van het restaurant voor ons twee gereserveerd. Deze maaltijd valt minder goed mee. Op de menu: calamaris, iets wat lijkt op kippenafval en een stofpot van bijna rauwe vis. Na de lunch rijden we 2u in het busje en passeren we langs heel wat paalwoningen. Als we weer beginnen te fietsen, langs een drukke baan, rijden we door het Khmer gebied. Dit roept een speciale sfeer op. Langs de weg zie je monniken een dak herstellen, veel groengele rijstvelden, en mensen in paard en kar. En dit allemaal met dreigende wolken boven ons hoofd. We houden een korte pauze om palmnootvlees te proeven, zeer glibberig!

Het laatste stuk voor vandaag is 10 km klimmen en mijn benen willen ineens niet meer. Ik geraak maar traag vooruit. Na 7km houdt Hai het dan voor bekeken en laden we de fietsen in het busje. Zo kunnen we misschien nog net op tijd de zonsondergang meepikken op Sam Mountain. Dit is een berg van 100m die uitsteekt boven de vlakte. De zon zien we niet maar wel prachtige vergezichten. We staan hier op 5km van de Cambodjaanse grens. Je kan ook heel goed de onderwatergezette gebieden herkennen. Niet lang na onze aankomst op de berg begint het te stortregenen. Als we naar beneden rijden gutst het water met liters van de berg af. Het is nog 6km rijden naar Chau Doc, de geboorteplaats van Hai.

Na een douche, brengen de mannen ons naar een restaurant in het stadje. Dit keer een typisch garage-restaurant met TL-verlichting. Dit keer gefrituurde calamaris, kikkerbillen en de wereld beroemde catfish. Catfish heeft Chau Doc welvarend gemaakt. Wij krijgen hem in een stoofpotje. Eerlijk gezegd smaakt het allemaal te vettig voor mij en begin ik toch wel te verlangen naar typisch Belgische kost, of tenminste naar het zelf uitkiezen van mijn eten. Hai verlaat ons met het excuus dat hij naar zijn grootmoeder moet, dus Vinh brengt ons naar het hotel. Het hotel staat aan een drukke baan dus een wandeling zit er niet meer in. Bart poetst dan maar de schoenen en ik schrijf in het dagboek.